Het financiële cultuurspel

spelenHet financiële spel lijkt me een spel op het vijfde bord: “inventive” (mythisch <--> reëel). Er worden steeds nieuwe spelen bedacht of ontwikkeld of gevonden. Omdat met name het vierde bord (de marktplaats, sociaal <--> reëel, vandaar de referentie aan “eigen geld” en pensioenen) een begrensd nul-som spel is, (nul-som: mijn winst is jouw verlies). De begrenzing volgt uit het feit dat de concrete realiteit, (bijvoorbeeld vastgoed en kunstwerken), eindig is. Die kunnen dus alleen maar “meer waard” worden, zonder dat er meer van komt. Zie nu weer de stijgende aandelenkoersen, zonder dat de economie groeit. Ze worden natuurlijk niets meer WAARd, maar er wordt meer geld voor betaald. (Het is het verschil tussen “value” en “worth“).

Er worden steeds nieuwe “producten” “op de markt gebracht”, met als motivering “omdat de markt erom vraagt”. Binnen het ethische spel, op het derde bord, worden we allemaal gebrainwasht met de mededeling “greed is good“. Ofwel, als ik niet van jou zou profiteren, zou een ander dat wel doen. Het is onethisch om een sukkel zijn geld te laten behouden. Tegelijkertijd wordt het bedenken van nieuwe nul-som spelen als “innovatief” betiteld. Wat volgens mij niet waar is: er wordt niet meer waarde geschapen. Natuurlijk is dit (iets innovatief noemen) ook een zet op het derde bord.

Op het tweede bord spelen we de machtsspelletjes, met de (nieuwe) regels, terwijl het eerste bod de zichtbare, tastbare, dagdagelijks activiteiten van elke dag zijn. Geld is immers “legal tender” en heeft vrijwel niets meer te maken met goud. Hier geldt de wet van de sterkste. Dankzij taal – waardoor we beschikken over het woord “waar” en het ware woord, kunnen we zowel dit gesprek voeren, als naar de rand van de afgrond gevoerd worden.
Het boek van Joris lijkt me een zet op het zesde bord: cultuurverandering. Op basis van gesprekken, conversaties, sociale interactie, ontdekte hij patronen, en toont “de waarheid die niet waar is”. De deelnemers aan de gesprekken, zullen merendeels vervolgens bij hun mening blijven en doorgaan met hun spel spelen, zoals het gespeeld werd: bijstellen van bekende programma’s en volhouden dat het allemaal beter gaat worden. Als we ons nu allemaal maar aan de regels en afspraken houden. En ze natuurlijk beter controleren en afdwingen. Want de regels deugen, de markt werkt. “(Quantitive) easy does it“. Omdat het alternatief – de regels werken niet meer – zo bedreigend, zo angstaanjagend is, dat je er niet eens aan mag denken.

Op een gegeven moment – of eigenlijk, eerder een korte periode – zal de wal het schip keren, komt er een trendbreuk en zullen we moed vatten en de straat (weer) op gaan. Of niet. Mijn punt is, en ik vermoed dat dat ook bij Joris speelt, dat de nieuwe beweging, geen reactie mag zijn op de bestaande situatie. Het mag niet zijn dat we “de schuldigen zoeken”, “de onschuldigen straffen” en “de niet-betrokkenen belonen”. Want daarmee zetten we ons zelf gewoon weer een paar vakjes terug. (Zie Oonincx, “waarom falen informatie systemen nog steeds”).

Het zal een creatieve stap moeten zijn, naar nieuwe betekenis, nieuwe taal, nieuwe visies, renaissance van nieuwe culturen. Dat hebben we al een keer gezien – en het is mislukt – in het Midden Oosten en in de Occupy beweging. We zien het nu weer bij de Nederlandse universiteiten (het gaat er ook over dat de financiële staf groter is dan de wetenschappelijke). Maar ja, het is goed om te oefenen in mislukken, dat is de manier waarop we leren. We oefenen net zolang, tot het spontaan gaat.

Steeds door de cycli van schuld – onschuld en falen – succes te gaan, dat is de menselijke weg. Hier speelt, komt in me op, het Universum. Zou het kunnen dat de kaart van het Universum speelt, de 21-ste kaart? Dat is ook een kaart met een cyclus, maar niet op en neer, zoals het rad van fortuin, maar rond en rond, als een dans.

Over Jan Lelie

Loves to facilitate groups in complex situations
Dit bericht is geplaatst in H6 Spel, Uncategorized met de tags , . Bookmark de permalink.