Verbinden

Na veiligheid volgt verbinden. Zodra we ons veilig voelen, kunnen we ons echt verbinden met de omgeving. De eerste verbindingen bestaan al – is het veilig? – maar nu ontstaat het vermogen om het andere te accepteren en nieuwe verbindingen te maken. “Faciliteren” betekent letterlijk, maken van verbindingen, relaties.

De omgeving bestaat uit dingen en andere levende wezens, meestal andere mensen. Verbinden gaat het snelst via voelen, letterlijk door iemand de hand te schudden en figuurlijk door (opnieuw) waar te nemen. Dat geeft een warm gevoel. Uit onderzoek is gebleken dat dat warme gevoel ook overgebracht kan worden door het aanbieden van een warme kop koffie of thee. Vandaar dat we een begroeting eigenlijk altijd uitbreiden met het aanbieden van iets warms.

Daarnaast maken we verbindingen door na te oordelen, te denken, te overwegen. Verbinden heeft altijd te maken met ons zelf en we “herbeleven” keer op keer de wijze waarop we in het verleden verbindingen maakten. Om in een goede stemming te blijven, hebben mensen behoefte aan herkenning. Het gemakkelijkste gaat dat door een zaal te hebben met voldoende diversiteit aan dingen, materialen, prenten, planten, uitzicht. Denk ook aan boeken. Daardoor kunnen deelnemers iets vinden wat hen aanspreekt. De aanraakbaarheid speelt hierbij ook weer een rol.

Verder, wellicht belangrijker voor faciliteren, speelt een (onbewuste) rol de wijze waarop de verbindingen verbroken werden. Vooral met andere mensen. Dat laatste maakt vaak dat mensen moeite kunnen hebben om verbindingen aan te gaan. Ook daarom is het belangrijk dat er voldoende diversiteit is aan dingen in de ruimte, zodat deelnemers met elkaar via die dingen contact met elkaar kunnen maken. Een collega van me noemde dat “conversation pieces”, triggers voor een gesprek. Een manier om dat te doen is een bord waarop de deelnemers hun naam kunnen schrijven – ze maken dan verbinding met de bijeenkomst – en een vraag kunnen beantwoorden, bij voorkeur over de bijeenkomst of een (recente, toekomstige) gebeurtenis. Soms vraag ik naar hun verwachtingen.

Voorbeelden:
Wat wordt de uitslag van Nederland – (ander sport club)?
Wat is één van je favoriete gerechten / boeken / auteurs / landen / bomen ….?
Hoeveel jaar nog naar je pensioen? (zo bepaal je heel snel de mogelijke impact)

Zorg wel dat je in je draaiboek terugkomt op de vraag. Mensen hebben graag rendement van hun inspanning. Bovendien maak je op die manier verbinding.

Les voor faciliteren:

  • Begroet deelnemers zoveel mogelijk met een handdruk of een warme kop.
  • Zorg voor afwisseling, verschillen in de ruimte.
  • Zorg voor triggers voor een gesprek.
  • Laat deelnemers een of twee vragen beantwoorden.

Leave a Reply