Tag Archive for zelf

Kapitalisme als viervoudige religie

Gisteren ontvingen we mijn Jung-werkgroep. Het onderwerp van deze bijeenkomst was “gnosis“: wat is het, welke betekenis heeft het en hoe verhoudt het zich tot de leer van Jung. Dit naar aanleiding van het hoofdstuk over Quispel in “In de ban van Jung”. Hierbin mijn inzichten, als aanvulling op hoofdstuk drie van mijn boek

Ik ervaar gnosis als een vorm van spiritualiteit. Een spiritualiteit die in alle religies voorkomt, de NF-spiritualiteit, de reis van de Harmonie, zoals verwoord in Four Spiritualities: Expressions of Self, Expression of Spirit door Peter T. Richardson. Richardson beschrijft hoe in elke religie vier diverse spiritualiteiten tot uiting komen, die samenhangen met (het ontwikkelen van) een eigen zelf. (Zie ook mijn boek Faciliteren als Tweede Beroep, hoofdstuk 3, het hoofdstuk met de sleutels).

Religare” betekent letterlijk opnieuw verbinden. Dat lijkt me het opnieuw verbinden met (materiële) wereld en met (spirituele) ander. Iedereen bereist daarin een ander pad, of weg of reis, afhankelijk van aard en aanleg, familieomstandigheden en je – afhankelijk van standpunt of opvattingen – al dan niet, toevallige ontmoetingen. (En zie hoe zo reizen bestemt). Deze verschillen bestaan altijd uit een combinatie van vier smaken, kleuren, terreinen, (leiderschaps)stijlen, wereldbeelden, psychologische types of hoe je het ook wilt zegt. Ik gebruik daarvoor las code de Jungiaanse types: ST, SF, NF en NT. (Hun expressie is weer afhankelijk van de E/I en de P/J-functies en natuurlijk de specifieke context). Vat deze op als extremen, ze komen in hun zuivere vorm niet voor. Daarbij zijn ze ook nog eens “fractaal”. Ik bedoel daarmee, dat er in een populatie van, laten we zeggen, hoofdzakelijk ST mensen, altijd weer een vierdeling tot uitdrukking komt.

Richardson geeft aan hoe elke (grote) religie altijd deze vier “uitdrukkingen” vindt (Ik bedenk nu overigens dat William James het ook heeft over de variety of religious expressions. Je zou kunnen zeggen dat Ashby’s Law (Law of the Requisite Variety), werkt: om te blijven bestaan, dient ieder systeem minimaal voldoende complexiteit te hebben. Het woord “complex” is hierbij niet toevallig gelijk aan “Complex”). Zowel boeddhisme, christendom (en binnen christendom weer Katholiek (en binnen Katholiek weer Augustijnen, Benedictijnen, Franciscanen, Jezuïeten …) , Protestants (en binnen Protestants weer …)), islam (…) en Judaïsme (…) als binnen yoga vinden we een vierdeling.

[Zien we, in navolging van Yuval Harari (Homo Deus) ook kapitalisme als een religie, dan vinden we ook hier weer de vierdeling terug van beheersmatige en productie (ST) gericht met samenwerkend en sociaal (SF), groeiend via liberaal en handel (NT) en ontwikkelend via ondernemend en innovatief (NF). Uit onze neiging complementariteit als tegenstelling te definiëren, een voorkeur te hebben voor succes (of een eigenlijk een afkeer van falen) en grootte verwarren met succes, ontstaat als vanzelf een verklaring voor de paradoxale situatie van schaarste en overvloed waarin we ons momenteel bevinden.]

Omdat de vier verschillende types niet gelijkmatig over de bevolking (en gender) verdeeld zijn – we hebben nu eenmaal meer aan ST’s en SF-en in de dagdagelijkse praktijk -, bestaat de neiging om de grote groep te volgen (“eenheid” en (sociaal) “werk”), met name onder de relatief kleinere groepen met intuïtie op de voorgrond (NT en NF). De NT’s kunnen dan nog een plaatsje bereiken vooraan of aan de top – visionairs –, voor de NF’s is het het lastigst zich te ontwikkelen onder de druk van de (extroverte) zintuiglijke waarnemers. Maar aan de andere kant, de meeste populaties hebben meestentijds geen behoefte aan profeten, sjamanen, magiërs of facilitators. Alleen in de enkele gevallen van de geboorte van een nieuw idee, vragen we een vroedvrouw. (De NF-spiritualiteit, zo leert Richardson, kent ongeveer drie keer zoveel vrouwen als mannen).

Met dit gegeven laat het zich eenvoudig verklaren hoe “Sofia”, “Isis”, “Maria”, … godinnen van wijsheid -, geassocieerd zijn met gnostiek en hoe de vrouwelijke aspecten van het goddelijke de materie begeesteren. De vrouwelijke NF gnostici kunnen zich goed handhaven in de maatschappij, natuurlijk vooral in een dienend leidende rol. Ik denk dan aan bijvoorbeeld coaching. Voor de mannelijke NF’s, lijkt dan een plaatsje ver van de ordinaire menigte te verkiezen – ascese -. Ze gooien daarbij soms kind met badwater weg: verwarren van dienende, gevende of meer vrouwelijke rol met een inferieure positie.

Voor gnosis – als vierde smaak – geldt ook de viervoudige indeling. Onder kennis kunnen we verstaan

  1. Regels (Het Boek) en logica,
  2. Data of gegevens en wiskunde,
  3. Ervaringen, gevoel en invoelen
  4. Intuïtie of onmiddellijke inzicht en meditatie.

(en natuurlijk zijn er ook weer vier verschillende vormen van meditatie, ascese, coaching en omgaan met regels…)

Live life live

Lelie constellationChanging metaphors
In “Systems Thinking World” – think about that – there was opened a discussion on Changing metaphors. Here are some of my remarks, the mark made again.

The quote from Fritjof Capra: “life and cognition are inseparable”, Spencer Brown’s observation “… the world we know is constructed – I would have said “invented itself” – to see itself”, Dewey’s “there is no distinction between the knower and the know”, … and many sources more tell us again and again the same story: “system – I prefer “cosmos” – reflects itself in myself and through my self”. You are a part of system and apart of system are You. These paradoxes show themselves in tensions, energies, forces or power.

There are some – in my view interesting – consequences:
unum ergo pluribus
1. we (you and I) are already at one with nature, living in harmony. The only thing we have to learn yet, is that harmony is not unity (e pluribus unum) but diversity (unum ergo pluribus). All differences are “functional”. That is why, for instance, every religion splits itself in fractions (and always in heretics and schismatic), who, after some time, become mirror images of each other, fighting each other to become “whole”.

Its my own invention
2. systems thinking is both inconsistent and complete: there exists only one system, but in order to think about it, we have to distinguish between parts, a.k.a. systems. So, in my view, it is no miracle “the whole is more than its parts”. That has always been the case. We took it apart.

The apparent contradictions arise from the fact that we (You and i) think. System is complete, self, “Eigen”, neutral, no, impartial (= having no parts). Our thinking creates, or perhaps better, invents reality, creates distinctions and the need to “think” them back into wholes again. We cannot observe our own thinking! There is no way we can trace our thinking back to a cause or matter (use of matter, mother, intentionally). It is air.

Thinking is a new way to speed up the evolution, weaving the web of life and it is still inventing itself. It is now – take a few thousand years – in its adolescence. This is a critical period, which it will survive.

Meta means change
3. we (you or i) are our own metaphor, we are self-contained and in every thought present. Language consists of metaphors – it carries, contains our thoughts and feelings – and (here I differ from Watzlawick) is also its own meta-language. Words about words are about words (and not the words mentioned).

It is life, but not as we know it
4. Life lives on, “the dude abides”. Life is developing itself at exactly the right pace, the perfect velocity, as a fractal. System works – i like that word – according to the Law of the Least Action. That’s why we tend to repeat and repeat and repeat the same “changes” over and over again, until we realize “I am you and you am I” and the ways to realize this are plentiful and all different.

The division we perceive all around us, is “caused” by our inability to see how we split of “others” in order develop ourselves and to (later) accept those others as part of us. This is the story – if you want metaphor – of the prodigal son. In my view, it is also the Isis – Osiris story and the story of Christ. That’s why, the cross is our central metaphor. The only thing you need to understand, is that these stories are about you and i. (In times to come – will be called “how could they not see that”. When that happens, you’ll hear me say “told you so” 🙂 )

( ) meaning or life?

FaciliterenOproepenMeaning resides at the very core, heart, centre, or cross of facilitation. We usually talk about facilitation of groups. In order for a group to move ahead, it has to discover its own meaning (“what are we doing here?” “who are we?” “where do we want or need to go? “,”what’s driving us” or “what is our vision”, … ). In my map of reality perceptions, meaning (ideas, dreams, future) is facilitated (liberated, if you want or “realized”) from feelings, emotions residing in a group. It is an emergent process, from green <--|--> yellow, social & mythic. It is lion (no article!, I’m using ( ) archetype) coming out of see, luctor at emergo. It is child from mother, fire from water.

No life as we know it
Meaning, I tend to conclude, is an autonomous emergent property of interacting. Meaning is not ( ) thing nor is nothing. Meaning “pops up”, as if she has a life of her own. Even more, I have to conclude, there IS NO fundamental DIFFERENCE BETWEEN LIFE AND MEANING. They’re two aspects of the same phenomenon. Life make meaning of meaning, meaning of life. It is paradox@work!

As George Spencer-Brown states: world has created itself in order to see itself (Laws of Form).

Meaning of living is living of meaning
Depending on your point of view (aspect): evolution has created life and meaning or (inclusive or) meaning has created life and evolution. Using different words here, is only because they signify different points of view, not different (intended) meanings. Life – or meaning – has created men AND vice versa.

IT’S ALIVE
This makes meaning for human beings and groups fascinating and threatening. (the correct word is “numinous“). Life is al about surviving, maintaining your self. Not on your own, you cannot. We have to co-operate. Having meaning is no difference. Men creates meaning, as we need meaning to survive. And a group can have a lot more meaning, that’s why we attribute more meaning to a group – it has a name, so it must exist – than to ourselves. There is meaning in numbers. The price we pay? Not having a meaning of our selves: not to become free, to become enslaved out of free will. A small price.

Fascinating
A. It fascinates us, as it is born out of ourselves, and is a part of us. As child is to mother. It even reflects our self, we “made it”. We can play with it, juggle, hide it, imply or find it. It is part of us and we incorporate it (hence “body language).

Even more so, language has created women (women is used in the archaic sense, the source of men), first men. The word “men”, hu”man”, “mean”, “min”d, com”mun”ity, com”mon” …. and com”mun”ication are different perspectives on the same “thing”: emerging meaning. It is a kind of auto-catalytic process. Meaning liberates, we can liberate our self. We can become free humans!

Threatening
A. It feels threatening as it is also autonomous: we have to respond to our own meaning. As creator of meaning, you are responsible (YOU are, not me: I’m responsible for these letters, nothing more – read the disclaimer. You, the reader interact with it and create meaning!).

Parent responsible for child. However, as any child, it wants to become independent, have a life of its own. It wants to become free, and then conquer, or even worse, kill us. It has to be controlled, or it will get a life of its own and destroy its maker.

Capturing meaning
Now, this is my way of thinking, because we have invented writing, we can “capture” meaning and use it for our own purposes. At last, we can control meaning! That’s why we lock up it up in books :-). We finally can define it (no you cannot, they’re just endless cycles of recycled words). That’s why we continuously seek to better define what we’re talking about: in order to control child-that-has-become-monster. The better the definition, the more control, the better we’re understood and the less ambiguity. But the only thing that doesn’t change is death. In order to preserve meaning, we have to kill it, kill ourselves.

In groups, this meaning thing becomes gargantuan: as a group is so much larger than an individual, its meaning must be more powerful, overwhelming. Meaning no longer serves us, we are becoming controlled by it. Meaning has become mean, to us? Groups impose their perspective, their rules and principles on the individual. Because then, and only then, you’ll be save(d).

The end
How will this end? Never. Every-time meaning tries to annihilate itself, meaning is recreated, revived, reborn. There will always emerge lions out of see. Leaders who liberate. The only thing we still have to learn, is to carry our own sufferings, our own burden, anxieties and not attribute them to others.

In terms of the map: this is the Renaissance movement. Facilitating renaissances. Love liberates.

Note: ( ) is used to signal there is no article, like “the” or “a”.

— Disclaimer.
The meaning of the words in this text have no meaning other than the meaning you’re reading. Words about words are about words. Any other meaning, intended or not by the author, is part of this disclaimer.

Power of money talking

synchroniciteitIn Systems Thinking, Denis raised the question: “What would happen if we lived in a global environment where capital accumulation would be limited?“. It is an interesting debate. Let’s look at it from a phenomenological perspective.

Limit capital?
I need to take the discussion in a different direction. Capital (money) is power. It is not about the absolute; it about the differences. A power struggle is also a conflict over different values, that’s why Denis started with “social acts are behaviour“. That’s why we’re talking about the capitalist VALUE system. Power is an emergent property, emerging from the paradoxes of expressing, speaking. We say: “money talks”. (By the way, money used to be printed, using a printing press).

There is no fair solution to a distribution problem, not with Systems Thinking, never. Fundamentally unsolvable. The only reasonable thing, is to look at the power struggle, and create countervailing powers. One of the problems, off course, is that power also means “controlling the meaning”. Power will always tend to say that it is “good” and trying to reduce it is “bad”. Power corrupts and absolute power corrupt absolutely.

Using directing constellations
As it happens – nothing is a coincidence, and not even that – yesterday I facilitated a session on social change in The Netherlands, using constellations (I’ve developed something called “directing constellations, where a (scene) director, moves the elements around).

“Money walks”
We had, on one line, the element “citizens” (together with “equivalence” and “self”) with “money”. “Money” was represented by a person and slowly detached itself from the rest. “I do not trust the ‘citizens’ to be responsible”, it said, “therefore I have to distance myself”. In between the citizens and the money was – you’ve guessed – “government” and “taxation”. We saw how “money” circled through the system, from “citizens”, “taxation”, to “subsidies” and “payments”, back to “citizens”. But soon “money” started to move away again. There was “injustice” in the system. Which I added.

Now, the issue became a discussion between (elected, by the citizens) “government” and (tax paying) “citizens”, when we moved “equivalence” to “government”. “equivalence” became very controlling of “citizens”, it started to strive for “equality“, even unfairly!. “citizens” criticized their government for not maintaining an equal balance (equivalence) between “taxation” and “money”. “Money” was not being taxed.

And this is true: we have VAT and taxes on labour, but hardly any taxes on (large amounts of) money and capital (like machines, buildings, land). And the flow of money. They have been abolished for “freeing up” the market and capital. The interesting thing was, that “money” said, this was fair, because “citizens” are not responsibly spending “money”. For if they would, the would have been rich too. Which is clearly a fallacy. It is the old: “the poor are to blame for their own poorness, because otherwise, they would be rich too”.

Then something interesting entered: a new element appeared (it sometimes does), “intention”. “Intention” said that we had lost her, “intention” of the system. We ended the constellation by asking the elements to state “intention” of the system. From it, we derived the background of the situation: “in what ways can we ourselves attain equivalence?”

Why Y facilitates

100px-Aries.svgWHY Y?
There is a Y in you that wants to get out. Y is the brand of facilitation: the two \ / becoming | . Let me explain.

Rick Lindeman wrote in a discussion “Facilitators unite! A brand new brand is coming our way…”

I know Jan likes to to start a discussion from the etymological origin of the entity discussed, but i think the word ‘brand’ has transcended from its ‘cattle status’ of “being owned by”, to ones own identity.. it’s about knowing yourself.. γνῶθι σεαυτόν gnothi seauton .. and by knowing yourself, and your drives you can communicate what are you are doing more effectively..

As a response to my opinion, that branding facilitation is beside the issue. I do not want to be branded as a facilitator belonging to IAF. Rick continues saying people make choices subconsciously, and therefore we need brands. The word “subconsciously” triggered this:

Signs are present
My point is: every sign is ambiguous. A sign, a symbol represents. A symbol is not the thing spoken about, it is not about what is “present”. The experience, the feeling, the subconscious awareness is present. In order to talk about the present (! “he implies today!” “No, Jan means a gift.”; “are you kidding, he is presenting a joke”, … ) we need something to represent it. Now two habits kick in.

Owning the meaning
1. We have to assume the other accepts (= “owns”) the meaning as we intended. This is called “The Helsinki Principle”. (In the late 50’s, information system developers had to agree on the meaning of information on a screen. They decided that the meaning is 100% the same as intended by the sender. This is the root cause of the failure of every ICT system). See also the thesis: “Every sign is a request for compliance”.

Means controlling the meaning
2. At the same time (and now I do not mean the present), the symbol gets in the way. (In Dutch we even say: “staat voor”, meaning both stands in its place and stands in front of).

It is not that I’m against symbols and branding. I’m against the (implicit or explicit) suggestion that I own (= control) the meaning through owning the sign.

I do not control your meaning
This is what makes facilitation so special (and, if you want “weak”): it is the other who determines the meaning of what is present. We present something unique and it is NOT the brand.

Own your self
The second part of your argument, Rick, is even better. “it’s about knowing yourself.. γνῶθι σεαυτόν gnothi seauton ..”. This represents (sic) facilitation even better: the royal path to knowing yourself is in accepting the other in you. Facilitating is about making (facere) connection (li) – it is not me who started a discussion with etymology, it were the blind poets -. Getting to know yourself, means getting to now Other. The other is also in the group. We belong to the same One.

Complex
Now it gets complicated. In order to “exist” we have to become separated. A child becomes separated – parted – from mother, parents, family, tribe, …sometimes even nation. We find ourselves thrown into life. Our self becomes “dissociated”. We project the disowned parts on others. It is not me who is bad, our parent is bad; it is not me who is good, our parent is good. (You always have two times two choices).

At a certain point in life, we have to “find ourselves” (or is it “my self”, I’m unsure about this). Well, you don’t have to; you might choose to remain “incognito”, but then, you’re probably not becoming a facilitator. We have to make reconnection (= facilitate) with our split-off parts. Interestingly, every other member of your group also represents something you “remember”. These are the parts you have to connect with: other symbolizes part of you. But you have rejected them in the past and the other parts feel rejected too. (Please note the implicit use of projected). So there it is: we need a connection-maker to reconnect. This is what we call “leader”. A facilitative leader.

The only thing a leader ethically cannot do, is “owning” the other. A leader has to liberate.

Plenty
We had to work in groups in order to survive. For thousands of years. Now we’ve finally liberated ourselves – we live in a world of plenty – and are facing our worst enemy: our selves. Facilitating is in sharing with others the parts we disown. Another word for this is friendship. Or peace.

Staying alive to solve problems

On System Thinking World, this question was posed: “What is the best way to handle a problem that has no solution ? Example: The lifeboat problem (a small boat in the sea with a lot of people in the water). Which we are experiencing worldwide with respect to survivability of civilisation and resources etc.” . Here is my – slighty editted – answer.

Veranderen in werkelijkheidLife is how this universe solves “unsolvable problems”, and creates some more. First of all, a problem, any problem depends on your perspective. A problem, I’ve been taught, is a difference between my/your expectation (or intention, vision, ..) and the actual situation (current reality) coupled with my/your negative feeling. Technically, a positive feeling with this difference should also constitute a “problem”, but isn’t judged to be one. So, I’ll answer this question from a human perspective (the boat or sharks may have a different approach).

1. We live – or, are thrown into life, or find ourselves living – and run into trouble, problems. As: we wake up in a boat on a sea.

2. We solve problems in a rational way (action – reaction). In these cases we analyse the problems, create a model, system or theory and try to reduce the impact. Testing and designing, designing and testing. Consequence of this are – in many cases – symptoms. Kurieren am Symptom. We start to apply rational solutions to symptoms of rational problem solving. We’ve done this very successfully and now all solvable problems have a solution – although for various reasons we don’t implement them all. (Mainly, I think, because we blame the victim; this is a side effect of the system archetype sucess-to-the-successful ). Example: first we admit people to our boat, then we start to make war. When we’ve reduced numbers, we take in people. Repeat.

3. When we encounter an unsolvable problem, usually symptoms of solutions, we use a creative way. We seek for inventions, new designs, creative problem solving. This drives innovation. In stead of action – reaction, we use creativity: ” what is our current situation and what our fundamental choice?” Any designed solution will be turned into 2: apply it rationally. (There is nothing ” wrong” with an analytical and rational approach, mind you). What we – human beings – call creativity, we call “an error” or ” mutation” with other beings; that is from our perspective. Example: we start building rafts from floating materials – and many of the inventive solutions mentioned here.

4. Some problems are unsolvable, even with using creativity. These are the fundamental elements of life. Life is paradoxical, as it doesn’t solve anything nor does it seem to be a problem. Problem solving itself is paradoxical: all problems are created by solutions (to different problems) and not solving problems (i.e. having no choice, or being death) doesn’t solve this problem. Life – also in terms of meaning – seems to me to be the net result of “nature solving natural problems” (please note the Spinozist turn of God being “naturing nature”) . These kind of problems tell us something about the meaning of life, of living. The example: your boat example. In my opinion it is on how we (e)valu(at)e life. From there it is only a small step to the evolution of life.

What is the best way to handle an unsolvable problem? #staying alive, staying alive#

Zelfkennis begint met wijsheid

Koolwijk-01 gecomprimeerdCeciel schreef me:
“Onderstaand een citaat van Confucius. “Hij die de kracht van woorden niet kent zal niet in staat zijn een mens te leren kennen.” Mooi citaat vond ik, en waar.

Toen bedacht ik: het gaat nog een stap verder. “Hij die de kracht van woorden niet kent, zal niet in staat zijn zichzelf te kennen.” Wat ons natuurlijk brengt op de vraag “wat is kennen”.

Wanneer kent de mens zichzelf? Volgens Socrates is de mens niet in staat zichzelf volledig te kennen. Je voelt en ervaart jezelf, maar daarmee ken je jezelf niet. Als je probeert jezelf te begrijpen, probeert te begrijpen wat je voelt en ervaart, grijp je naar woorden. Alle denkprocessen spelen zich in woorden af. Is er voordat je jezelf manifesteert eerst het woord?

“In het begin was het woord”. Het woord als eerste scheppingsdaad. Eerst is er de gedachte, dan de handeling. Maar de materie waarop gehandeld wordt, is er al. Je bent al manifest (met handen vast te pakken) voordat je denkt. Je handelt al, ook zonder denken. Je ademt, poept, slaapt, grijpt. Maar al doende ken je jezelf niet. Je doet het onbewust. Met observatie van jezelf leer je jezelf kennen? Bewustzijn, ook van jezelf, in alleen in woorden te vatten?

Misschien is het tegendeel wel waar. Satre zegt: Existentie gaat vooraf aan essentie. Omdat je als mens jezelf bewust bent en op jezelf reflecteert, verwordt je ‘ik’ vaak tot een voorstelling die je maakt van jezelf (‘être-en-soi’, zijn als ding, als essentie). Op een gegeven moment ga je je gedragen naar het beeld dat je van jezelf hebt. Sartre noemt dat ‘kwader trouw’, onecht, afdwalen van je werkelijke ‘ik’. Het ontneemt een deel van je vrijheid. Pas als je je als mens los weet te maken van de voorstelling die je van jezelf hebt (of die anderen van je hebben), en in alle vrijheid je keuzes maakt, zonder doel of opdracht, vanuit het ‘niets’, existeer je als authentiek persoon (‘être-pour-soi’).”

Alle woorden worden je door anderen aangereikt. Je kunt niet kennen waarvoor geen woorden bestaan? Ik denk het niet. Je kunt kennen wat je bewust waarneemt. Mijn kinderen maakten zelf woorden: het woord “haakje” kenden ze nog niet, dat was een “ophangertje”. Een ladder was een “klimmer” en een hamer een “timmer”. Uit de handeling komt het begrip voort? Je kunt niet leren dansen uit een boekje. In alle vrijheid keuzes makend, zonder doel of opdracht, leer je al gaande jezelf kennen? Ik zie mensen zonder doel of opdracht die in alle vrijheid keuzes kunnen maken diep ongelukkig worden…

Terug naar de vraag: is er voordat je jezelf manifesteert eerst het woord? Het hangt er misschien vanaf welk zelf je (of zich?) manifesteert: het zelf volgens je natuur, of het zelf volgens je zelfbeeld. Maar er is toch niets natuurlijker dan het creëren van een zelfbeeld? Ieder mens doet dat van nature. Toch kan dat zelfbeeld significant afwijken van je natuur.”

Dank je wel Ceciel.

Ik dacht toen:

Interessant idee dat je je zelf kunt leren kennen door woorden! Zorg er vooral voor dat dit niet bekend wordt!

Ik denk dat we hier te maken hebben met de kaart en het gebied: “woorden” (en dit is een woord) beschrijven, beelden af, als kaarten en “gebied” ben jezelf, mijn afbeeldingen (hint: projecties, zoals kaarten een Mercator projectie kennen, zo gebruikt Ceciel een Fruijtier-projectie en ik een Lelie-projectie en u een (vul hier een woord voor uw zelf in)-projectie. Net zoals de Mercatorprojectie, vervormt er altijd wel iets) .

Ik vermoed dat we in een paradoxale situatie zitten: “ja, je kent jezelf” en “nee, je kent jezelf niet”. Het probleem zit er in dat ont-kennen niet hetzelfde is als niet kennen. Immers: Je kent jezelf want je kan jezelf niet ontkennen: dat is de hele truc. Je kan je zelf niet helemaal kennen, omdat er dan in die afbeelding dan minimaal één plek is die op zich zelf (!) wordt afgebeeld. Dit is een soort “blinde vlek” in zelfkennis en deze plek bevat je kennis die je niet kunt kennen. Wat woorden doen, is deze plek ook afdekken. Net zoals onze visuele systeem de vele blinde plekken op de retina invullen. Misschien zijn woorden juist wel ontstaan om de ontkenning te kunnen ontkennen en daarmee het kennen te dienen. Woorden vullen de gaten in onze zelfkennis, stoplappen.

Tegen “in de beginnen was het woord” heb ik altijd een intuïtieve weerstand gehad. Natuurlijk was er in den beginne geen woord. Het is een woordentruc om de vertegen-woordiger – interessante woordcombinatie – te introduceren. Waar is het begin van het begin? Overigens ben ik tegenwoordig van mening: “in den beginne ontstond de relatie”. Wat is een goed Nederlands equivalent voor het Engelse “relationships“? Ik ben niet verder gekomen dan “verwantschap”.

Samenwerken

Hier een goede illustratie van de consequenties van de vier werkelijkheidsopvattingen op samenwerken.

Vier belevingswerelden from Noorderwit Animaties on Vimeo.

Gebruiken van tests

MöbiusBij het boek hoort ook een zelftest, een vertaling van de test ontwikkeld door Will McWhinney. Een terugkerende vraag is dan: “wat is de betrouwbaarheid van deze test?“. Zoals ik ook in het boek bespreek, heb ik een onderzoeksrapport waarin meer dan 100 tests bekeken zijn op onder meer de betrouwbaarheid en voorspelbaarheid. Kolb, MBTI, Nedd Herrmann, Belbin en andere bekende tests horen hierbij. Over het algemeen blijkt dat de consistentie en betrouwbaarheid maximaal tussen de 60% en 70% ligt. Verklaring hiervoor is onder meer dat mensen zich zelf waarnemen en kunnen leren. Dit leidt ertoe dat mensen “sociaal” wenselijke antwoorden kunnen geven en het afnemen van een specifieke test leidt tot ervaringen met die test, die de volgende keer de score weer beïnvloeden.

Eén van de conclusies luidt dan ook dat tests eigenlijk een metafoor zijn voor een bepaalde benadering. Van mensen, doelen of van situaties. Tests hebben als belangrijkste functie het verschaffen van een jargon voor de gemeenschap die die test gebruikt. We kunnen natuurlijk ook de Kaart van de Werkelijkheidsopvattingen op de tests los laten. Vanuit de verschillende perspectieven kunnen we dan verschillende beoordelingen van tests vragen.
– Analytisch: hoe betrouwbaar zijn de test resultaten, met name bij herhaling?
– Assertief: in hoeverre zijn tests consistent, met name over de tijd gezien?
– Beïnvloedend: in welke zin overtuigen tests mensen van hun eigenschappen?
– Evaluerend: in welke mate hebben mensen wat aan de scores, scores die bij hen passen?
– Ondernemend: in hoeverre leert de test de deelnemers iets nieuws?
– Emergent: hoe verhouden de testscores van verschillende deelnemers zich met elkaar?

De door mij gehanteerde test is een voorbeeld van een mythische test. U wordt gevraagd even een beeld (= mythisch) te laten opkomen van een ontmoeting (= sociaal), daarover een verhaal te schrijven (oproepend) en vervolgens vragen te beantwoorden die vaak gaan over de gevoelens en emoties (faciliterend: u wordt ook expliciet gevraag “in relatie” met uw ervaringen te blijven. U hoeft geen punten te geven (unitair, absolute schaal), maar antwoorden op volgorde te zetten (evaluerend, sociaal, relatieve schaal). Vaak vinden deelnemers de antwoorden erg op elkaar lijken, wat voor mij duidt op een gelijkwaardigheid van de antwoorden.

Tenslotte is er nog een soort “halo-effect”: mensen hebben de neiging datgene uit een testre¬sultaat te halen dat hen aanspreekt. We kunnen onmogelijk objectief kijken naar ons eigen resultaat. Vaak ziet een ander beter wat er wel en niet klopt dan wij zelf. Zoals ik de test han¬teer, gaat het me meer om het gesprek over de resultaten, dan de resultaten zelf. Alleen in de conversatie, ontstaat de betekenis, het inzicht in jezelf in relatie met de groep waarin je op dat moment verkeert. Deelnemen aan een andere groep, zal dan ook een ander resultaat kunnen geven.

Dealing with information bias

It is a bit like the joke from Weick on the three base ball referees discussing how the call a ball, in or out. The first one says: “ I calls them as I sees them”. The second one says: “ I calls them as they are”. The third one says: “They ain’t nothing until I call them”. We call the balls.

The question by Judith was: how do we deal with this problem of “Information Bias”; our apparent need of more and more information on available choices, our desire to rule out risks, to know. In answering this question, I concluded that we cannot solve this problem on the level of the content of information. We can only resolve it in the process of relating to each other, aptly called “relationships”. In facilitating decision making we have to deal with relations first and content second.

Information bias can not be overcome, as it seems to be inherent in the way I, you, we, this world work, the way we deal with data. I’ve called it a metaparadox, for lack of a better word, as it appears to be a paradox about a. paradox. (For readers of Smith and Berg’s “Paradoxes of Group Life”: it is in the interplay of the part-part and whole-whole paradoxes. You may have noticed the use of the word “dealing”)

Meaning – in my opinion, after a lot of reading and studying – is an emergent attribute (Dutch: “eigenschap”) of interacting. Meaning is a process and not a thing or an entity. You might call it a by-product. “Au fond” it is unintentional. Any meaning also always refers to the reader/writer. And I mean that literally: meaning is “written” or “read” into reality, real objects and processes BY ITSELF. Meaning both refers to itself and to something else, but not at the same time. This is the fundamental, first paradox. Meaning as an emergent attribute of interacting, like when two stones are being rubbed together – by a landslide, ice, water, or wind. There will be marks on both of them, depending on their shape, the length of the interaction, their hardness, the conditions. This we can call data or information. It contains meaning, it is there to be discovered, read.

The noticing, the reading of information is also a kind of interacting. When the marks on the stones are “read”, there are again interacting process. Our brains do not contain the rubbed stones, nor have we stored pictures on a kind of hard drive. We, with our brains, do not compare, we interpret. We’ve learned, with our eyes and brains, to read the marks.

The reading itself is an interacting with the stones and with “our selves”. This is the second paradox, the metaparadox which both refers to the first and to itself. So these processes also generate meaning. We read meaning into a situation and have the meaning of meaning. We use our brain for a lot of the work here. Our brain contains meta-information. Our brain doesn’t contain information (on stones, on marks, on signs), but informs about the informing processes. We have access only to the last or highest of the informing processes: a kind of conscious awareness of what we call the meaning. (This is by the way the reason we use the very word “ informing”: information is continuously being formed).

The intentionality of information comes from reading it, our processing. We are intentional being, we need to have intentions, so we “read” reality and find intentions. These are not in the data, perhaps even not in the information, but in the informing. So information and meaning are made. They are “facts”. The very information we use – in fact, we are our information – is biased. As we are biased to survive. To this we can add the uncertainty of the processes of becoming meaning, because I, you, we have no access to the processes which generated the meaning and I have no access to your meaning or information and vice versa. We have to trust ourselves in this and – this is Murphy’s law – when we can be wrong, there will be a time when we will be wrong.

My suggestion to deal with this as facilitators is to . . . facilitate. It is not in the content, the meaning, the security of the information, it is in the process, the relationships. What people really want (# really, really want #) is to know whether they can trust the other, if they can depend on one another. They need to know if, when they are vulnerable, open of have made a mistake, a miscalculation, they will not be taken advantage of, or punished. And at the same time are reluctant to ask this, because this makes you vulnerable. Basically, they don’t need the bias to go away, they want to know how to handle, live or deal with it. So we, as facilitators, have to be congruent in our behaviour. We have to be open, patient, remain confused when needed. We have to be able to accept bias as a given, not check our conclusions, but check our assumptions. After all, we’re only common people. We resolve the issues.

PM: “information” is an example of reification: making a thing out of a process, like reification. We do this a lot, as in “communication”. It seemed handy at the time, but it hides the fact that these are processes and no entities. There is no See Reïficeren on pages 30, 100, 242